Michael Krautzberger (AllianzGI): ‘Aanvallen op Fed sluiten deur voor pro-actievere versoepeling’

Beeld: Canva
Beeld: Canva

Naar verwachting zal het Amerikaanse Federal Open Market Committee (FOMC) komende woensdag de beleidsrente ongewijzigd laten. Juridische aanvallen op de Federal Reserve hebben de institutionele context verder verscherpt en dragen ertoe bij dat de deur naar een pro-actievere versoepeling nog verder wordt gesloten. Zowel economische als institutionele overwegingen pleiten voor een afwachtende houding. Dat stelt Michael Krautzberger, CIO Public Markets bij Allianz Global Investors.

Wij gaan er dan ook vanuit dat de bandbreedte voor de federal funds rate gehandhaafd blijft op 3,50–3,75%, in lijn met marktverwachtingen en consensusprognoses. De steun voor deze beslissing zal naar verwachting breed gedragen zijn binnen het comité en gesteund worden door alle stemgerechtigde leden, met uitzondering van de duifgezinde buitenstaander gouverneur Stephen Miran.

Na de havikachtige renteverlaging in december en een cumulatieve versoepeling van 75 basispunten over de afgelopen drie vergaderingen, zal het FOMC naar verwachting pas op de plaats maken. Recente macro-economische cijfers, waaronder een sterker dan verwachte bbp-groei in het derde kwartaal en een daling van de werkloosheid in december, wijzen immers op een aanhoudend robuuste economische omgeving.

Hoewel de kerninflatie gemeten via de CPI in het laatste kwartaal van vorig jaar afzwakte, bedroeg de kern-PCE-inflatie — de door de Fed geprefereerde inflatiemaatstaf — in november nog steeds een verhoogde 2,8% op jaarbasis. Door verstoringen als gevolg van een mogelijke overheidssluiting blijft het zicht op het onderliggende inflatiepad bovendien vertroebeld.

Uitvoerende en juridische uitdagingen

Tijdens deze vergadering worden geen geactualiseerde Summary of Economic Projections (SEP) of dot plot gepubliceerd. De aandacht zal daarom vooral uitgaan naar de persconferentie en de vraag in hoeverre voorzitter Powell zich verzet tegen recente uitvoerende en juridische uitdagingen van de autonomie van de Federal Reserve. Beleidsmakers zouden in dit klimaat geneigd kunnen zijn om de rijen te sluiten en institutionele eenheid te benadrukken, wat de bereidheid tot verdere renteverlagingen zonder duidelijke economische verzwakking beperkt.

De spanningen tussen de regering en de Fed zijn recent verder geëscaleerd tot een juridische confrontatie, nadat het ministerie van Justitie de Fed heeft gedagvaard. Dit vergroot het risico op een strafrechtelijke aanklacht in verband met Powells getuigenis in de Senaat afgelopen juni over het renovatieproject van het Fed-hoofdkantoor. Tegelijkertijd zorgen de onzekerheid rond de benoeming van een nieuwe Fed-voorzitter en het mogelijke ontslag van gouverneur Cook voor extra institutionele ruis.

Ondanks aanhoudende neerwaartse risico’s voor de arbeidsmarkt ondersteunt de combinatie van solide macrodata, beleidsmatig optimisme en een inflatie die nog altijd boven de doelstelling ligt een rente-pauze in januari. Aangezien het FOMC zijn beleidskoers ziet als “binnen een bandbreedte van plausibele schattingen van het neutrale niveau” en de bredere financiële condities al groeiondersteunend zijn, zal voorzitter Powell waarschijnlijk afzien van het expliciet signaleren van verdere renteverlagingen op korte termijn. Tegelijkertijd zal hij de mogelijkheid openhouden voor verdere versoepeling indien het gunstige macro-economische scenario zich materialiseert.

Voortgaande politisering van het monetaire beleid

Hoewel de verschuiving van de Fed van een reeds ondersteunende insurance cut cycle naar een gunstiger Goldilocks-verhaal fundamenteel positief blijft voor financiële markten, wordt dit steeds meer overschaduwd door de voortgaande politisering van het monetaire beleid. Op korte termijn zouden Powells opmerkingen hierover meer invloed kunnen hebben op de markten dan het rentebesluit zelf, met name elke aanwijzing dat hij van plan is om na afloop van zijn voorzitterschap in mei aan te blijven als gouverneur tot 2028.

Op middellange termijn verwachten wij dat een groeivriendelijk Amerikaans beleidsklimaat, aanhoudende begrotingszorgen en de geleidelijke uitholling van de onafhankelijkheid van de Fed zullen leiden tot hogere termijnpremies en daarmee tot verhoogde langlopende Amerikaanse staatsrentes tot en met 2026. Deze macro-economische en beleidsomgeving blijft volgens ons pleiten voor een onderweging aan het lange eind van de Amerikaanse rentecurve en voor een voorkeur om short te blijven in de Amerikaanse dollar tegenover een mandje van G10-valuta’s.

In ons basisscenario van redelijke groei en een hardnekkigere inflatie dan door zowel de consensus als de Federal Reserve wordt verwacht, gaan wij uit van nog één laatste renteverlaging in deze cyclus, waarschijnlijk in het tweede kwartaal, naar een eindrente die iets hoger ligt dan momenteel door de geldmarkt wordt ingeprijsd.

 

Deel dit artikel

Ontvang slimme beleggingstips in je inbox

Krijg elke week een kort en krachtig overzicht met onze beste gratis artikelen. 

+ Maak automatisch kans op een premium lidmaatschap t.w.v. €239,-

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

100% gratis · Altijd met één klik afmelden · We delen jouw e-mailadres nooit met derden. · Winactie voorwaarden gelden.