De vicevoorzitter van de Amerikaanse Federal Reserve, Philip Jefferson, heeft benadrukt dat de kans op een herhaling van de dot-com bubbel van de jaren negentig klein is. Dit komt door de verschillen in de huidige marktstructuur en de robuustheid van het financiële systeem.
Tijdens een recente bijeenkomst van de Cleveland Fed over financiële stabiliteit gaf Jefferson aan dat de huidige technologiegerelateerde beursactiviteit zich voornamelijk afspeelt binnen gevestigde, winstgevende bedrijven. Dit staat in schril contrast met de speculatieve investeringen in nieuwe technologieën tijdens de dot-com periode, die vaak leidden tot onrealistische waarderingen en uiteindelijk tot een marktcrash.
Voor beleggers is dit een geruststellende boodschap. De solide basis van de huidige markten, samen met de winstgevende positie van veel technologiebedrijven, biedt een zekere mate van stabiliteit. In plaats van een bubbel te creëren, lijkt de recente interesse in kunstmatige intelligentie (AI) eerder een natuurlijke evolutie binnen een volwassen sector te zijn.
Jefferson merkte ook op dat het nog te vroeg is om de impact van AI op het monetaire beleid volledig te begrijpen. Hij waarschuwde dat beleidsmakers zorgvuldig moeten onderscheiden tussen economische veranderingen die voortkomen uit cyclische factoren en die welke het resultaat zijn van structurele verschuivingen, zoals die door AI worden veroorzaakt. Dit is belangrijk voor investeerders, omdat veranderingen in productiviteit en werkgelegenheid invloed kunnen hebben op inflatie en dus op de rente- en monetair beleid van de Federal Reserve.
De boodschap van de Fed kan beleggers aanmoedigen om met een optimistische blik naar de toekomst te kijken, vooral gezien de potentieel transformerende rol van AI in verschillende sectoren. Toch blijft het belangrijk om alert te blijven op de ontwikkelingen in de economie en de effecten hiervan op de markten, aangezien de dynamiek snel kan veranderen.